Advertentie

Advertentie

Advertentie

Cijfers laten spreken

Commentaar

22 augustus 2019

Een paar weken geleden, vooruitlopend op het jaarlijkse sectoronderzoek, verscheen een overzicht van Goede Doelen Nederland van de ontwikkelingen in bestedingen en steun uit de samenleving over 2018 bij 24 grote goede doelen. Dit zijn organisaties die ieder jaarlijks minimaal 20 miljoen aan inkomsten hebben. Goede Doelen met een lange maatschappelijke historie die op ‘industriële schaal’ fondsen werven. De totale inkomsten van de 24 grote goede doelen bedragen, net zo als in 2017, ruim € 1,2 miljard. Wederom een knappe prestatie. De conclusie van het onderzoek luidde dan ook: Maatschappelijke betrokkenheid bij goede doelen onveranderd groot in 2018.

Beeld ter illustratie.
Beeld ter illustratie. © Shutterstock // tadamichi

door Marc Petit

Meer informatie over het overzicht: https://www.goededoelennederland.nl/sector/nieuws/maatschappelijke-betrokkenheid-bij-goede-doelen-onveranderd-groot-2018

Loop je met een wat andere kijk door de cijfermatige bijlage heen, dan vallen er toch een paar zaken op. Als eerste valt op dat de totale inkomsten bijna 1% dalen en tel je daar de inflatie correctie van 2% bij op dan zo je kunnen concluderen dat er 3% minder te besteden is. Daarnaast is opvallend dat een flink aantal inkomstenbronnen waar de organisaties zelf de handen voor uit de mouwen moeten steken, dalen. De collecte met bijna 5%, giften en donaties met circa 4% en eigen loterijen met 6,5%. Nalatenschappen, loterijen (Postcodeloterij e.d.) en overheidssubsidies compenseren deze daling voor een belangrijk deel. Is er sprake van een kantelpunt en mogelijk reden tot zorg? Zijn de grote goede doelen nog onverminderd in staat om hun eigen inkomsten op peil te houden? Laten we niet somber zijn, maar de trends wel nauwlettend in de gaten houden.

Een tweede opvallend gegeven is, dat van die 1,2 miljard inkomsten er meer dan 0,4 miljard afkomstig is van overheidssubsidies. Dat betekent dan zo’n 35% van de doelbesteding plaatsvindt in opdracht van subsidieverstrekkers. Wat zegt dit over de onafhankelijkheid van deze goede doelen? Sterker nog, deze 24 fondsen werven slechts 44% van hun inkomsten bij particulieren. Naast subsidies (35%) komt de overige 21% aan inkomsten voornamelijk van loterijen en vermogensfondsen. Uiteraard allemaal geld voor een goed doel, maar het roept wel vragen op. Zijn grote goede doelen niet steeds meer uitvoeringsorganisaties aan het worden en steeds minder onafhankelijke filantropen? Zijn zij met minder dan de helft aan inkomsten van particulieren nog wel de vertegenwoordiger van de Civil Society?

Als je met deze blik naar de ratio’s kijkt, vallen de getallen net iets anders uit. Over het totaal zijn de wervingskosten 9%. Maar, die zitten vooral in het werven van particuliere donateurs. Voor hun eigen inkomsten maken de fondsen zo’n 20% wervingskosten en voor de overige inkomsten misschien maar 1 of 2%. Al met al heel netjes. Van alle middelen gaat 88% naar de doelbesteding. Maar omdat in Nederland niets meer telt zonder ‘bonnetje’ mag je de 3% beheer- en administratiekosten daar wel bij optellen. Bij de doelbesteding wordt een onderscheid gemaakt tussen ‘voorlichting en bewustwording’ (10%) en ‘evangelie en zending’ (1%). Met maatschappelijke bewegingen als ‘Samen dementievriendelijk’ en ‘De rookvrije generatie’ is het wellicht te overwegen hier in de toekomst één categorie van te maken.

Laten we scherp blijven. Een veelzijdige analyse van dit soort onderzoeksresultaten helpt daarbij. Met dank aan de onderzoekers, maar vooral aan de trouwe donateurs.

Marc Petit

Gastauteur

Marc Petit is directeur van Nederland Filantropieland.