Advertentie

Aanmelden voor de Nationale Vakdag Fondsenwerving 2019

Wat vermag de filantropie?

Opinie

25 februari 2019

Deze column was het slotwoord van de WRR-conferentie op 21 februari 2019 in het Vredespaleis in Den Haag, geschreven en uitgesproken door René Bekkers.

René Bekkers, op archiefbeeld.
René Bekkers, op archiefbeeld.

door Gastauteur

Dames en heren,

We hebben een interessante dag achter de rug met een grote diversiteit aan sprekers en visies. Vandaag gebruik ik de vrijheid als columnist wat observaties met u te delen over de filantropie en de visies die vandaag voorbij kwamen.

U kent allemaal de belofte van de filantropie – het evangelie van de vrijwillige gift. Als een containerschip in een storm een flink deel van de lading verliest zit de volgende ochtend de boot naar Terschelling vol met opruimtoeristen – nu al ex aequo met klimaatstaken hét Civil Society woord van het jaar 2019.

Superrijk en filantroop

Wat dragen de superrijken bij aan de filantropie? In Nederland is de vermogensongelijkheid verrassend groot. Wist u dat we wat betreft de ongelijkheid in vermogen na de VS op de tweede plaats staan van alle landen in de wereld waar de OECD cijfers over heeft? Die ongelijkheid is tot nu toe maatschappelijk geen probleem omdat hij vrijwel onzichtbaar is. Iedereen die wel eens kinderen opgevoed heeft weet dat ongelijke verdeling van schaarse middelen zoals speelgoed en koekjes onherroepelijk gejeremieer oplevert en dat de oplossing gelegen is in een fysieke scheiding van degenen die meer krijgen. Uit het oog uit het hart; wat niet weet, dat niet deert.

De ongelijkheid in Nederland is al eeuwenlang heel groot. We hoorden er al over van Jos van Hezewijk. De erfgenamen van de elites uit de tijd van de Gouden Eeuw hebben in Nederland nog steeds een betere maatschappelijke positie dan de nazaten van het volk. Als we het perspectief omdraaien en de voorouders van de gefortuneerden van vandaag terugzoeken, dan zien we ineens dat een groot deel van de Quote 500 haar vermogen zelf heeft gecreëerd. In het onderzoek dat we mede dankzij de database van Jos konden uitvoeren onder vermogende Nederlanders blijkt dat de meest vrijgevige vermogenden hun vermogen niet hebben geërfd, maar zelf hebben verdiend. Die opwaartse sociale mobiliteit is mede mogelijk door de grote economische vrijheid in Nederland.

De openheid van de Nederlandse samenleving is een groot goed. Die openheid is er flink minder als het gaat om de filantropie van vermogend Nederland. Ik ben optimistisch: we gaan de komende twee jaar heel wat meer leren over vermogensfondsen in Nederland. Maar volledige openheid gaan we niet heel snel krijgen.

En het transparantievoorstel dan, dat vlak voor kerst boven kwam drijven? Gaat dat niet zorgen voor meer openheid? Nee. Het voorstel is een resultaat van het vermoeden dat islamitische groepen in Nederland geld krijgen uit de oliestaten. In 2015 zat ik in een begeleidingscommissie van een onderzoek van het WODC dat de vraag moest beantwoorden of het mogelijk was buitenlandse financiering van religieuze organisaties op te sporen. Na grondig onderzoek van RAND Europe was het antwoord: nee, niet via openbare registers. Dat lukt alleen met bijzondere opsporingsbevoegdheden. En dan is ongewenste beïnvloeding nog steeds bijzonder moeilijk aan te tonen. Elke zichzelf respecterende terrorist zal het geld uit Qatar en Iran buiten het zicht van de belastingdienst houden en het in cash persoonlijk naar de haatimam toe dragen. Het transparantievoorstel is een dode walvis op het strand. Een draak van een voorstel waar je geen last van hebt zolang hij in de zee blijft, maar als hij aanspoelt heb je er enorm veel werk aan om het op te ruimen. En als je er niet op tijd bij bent gaat het beest enorm stinken.

Bouwstenen

Ik kom tot de kern: wat vermag de filantropie dan wel? Zo komen we op de bouwstenen voor een visie op filantropie. De WRR zegt het niet expliciet, maar Den Haag heeft een soort blinde vlek voor de filantropie. Onbekend maakt onbemind. Zo kan een idioot voorstel als de transparantieverplichting in een kabinetsakkoord terecht komen. Het wordt niet op tijd afgevangen.

Verder ziet het kabinet de filantropie vooral als excuus voor bezuinigingen.

Een andere kabinetsvisie op filantropie is dat het geld is dat je met een liberaal vestigingsklimaat naar de Zuidas kunt lokken. Nederland staat al jaren op de eerste plaats van alle landen in de wereld wat betreft de vrijheid voor goededoelenorganisaties. Maar wat de vestiging van de Ikea Foundation voor het algemeen nut in Nederland oplevert is mij een raadsel.

Het is duidelijk: deze twee benaderingen van filantropie kun je met goed fatsoen geen visies noemen. We zijn terug bij het convenant: wat betekenen de handtekeningen van het kabinet en de sector filantropie onder de stelling dat we samen optrekken? Hoe kan de overheid dan wél op een constructieve manier met de filantropie omgaan?

Ik noem drie mogelijke functies van filantropie.

  1. De stem van de natie: uit de haarvaten van de samenleving
  2. Samen voor de gemene zaak: fondsen als leergeld voor de overheid.
  3. Een tegenstander in het debat, ome Jan op het feest, altijd iets te klagen

Ze hebben wel wat weg van de drieslag signaleren, innoveren, agenderen. Het is wetenschappelijk gezien bijzonder lastig te onderzoeken en vrijwel onmogelijk aan te tonen, maar het zou wel eens zo kunnen zijn dat de filantropie vooral belangrijk is voor de samenleving omdat ze sociale innovatie bevordert. De drie functies die ik noemde hebben allemaal met sociale innovatie te maken.

Maatschappelijke behoeften herkennen

Nummer 1. Op de high-level meeting tussen overheid en filantropie waar sommigen van u ook aanwezig waren vertelde een hoge ambtenaar van het ministerie van LNV over een filantroop die hij op bezoek kreeg. De gever wilde miljoenen besteden aan natuurbehoud. Maar het ministerie had geen projecten waar de filantroop aan kon geven. Er was ook geen capaciteit om die te bedenken. De ambtenaar kon geen propositie bieden voor het algemeen nut. De miljoenen verlieten onverrichter zake het pand. Deze anekdote is veelzeggend: de overheid is totaal niet ingesteld op samenwerking met de filantropie. Meer overleg kan dit oplossen.

Samen voor de gemene zaak

Nummer 2. Uit de VS kennen we extreme voorbeelden van schadecarrières, die ik maar even ‘van roofkapitalist en belastingontduiker tot compensatiefilantroop’ noem. Neem Jeff Bezos, die het afgelopen jaar $2 miljard beloofde voor de armen en de daklozen in Seattle en in de kandidaat-steden voor het tweede hoofdkantoor van zijn bedrijf Amazon. Die steden hadden eerst aan het bedrijf extra snelwegen en vliegvelden beloofd en andere gunstige omstandigheden in de hoop het tweede hoofdkantoor te mogen vestigen. Intussen betaalt Amazon haar magazijnmedewerkers $12 per uur, en is het bedrijf zo opgezet dat het zo weinig mogelijk belasting hoeft te betalen. Lokale bedrijfsbelangen behartigen met compensatiefilantropie en tegelijk actief lobbyen en constructies opzetten om zo weinig mogelijk aan de gemeenschap bij te dragen. Ga eerst eens normaal belasting betalen, man!

Dit schreef ik een maand geleden ongeveer. Toen sprak Rutger Bregman in Davos de waarheid tegen de macht en daarna volgden er nog vele artikelen over de schaduwzijden van de filantropie.

De aanklacht van Bregman en de zorgen van Rob Reich en Anand Giridharadas gaan over de economische elite van de 0,0001%. En die woont niet in Nederland. Van deze Amerikaanse toestanden zijn we in Nederland nog ver verwijderd. Wij hebben in ons land geen filantropie-elite die het overheidsbeleid beïnvloedt met het oog op het eigen bedrijfsbelang.

Zoals ons onderzoek Geven in Nederland laat zien is filantropie in ons land dat vrijwel de hele bevolking geeft aan goede doelen: van arm tot rijk. Het is geen goed idee om een tegenstelling te creëren tussen geven en belasting betalen. In landen waarin burgers meer belasting betalen geeft een groter gedeelte van de bevolking aan goede doelen.

Dit was de kern van het convenant uit 2011: filantropie en overheid trekken samen op. Dat hebben we niet of nauwelijks zien gebeuren in de afgelopen jaren. We hebben enorm veel goede doelen, fondsen en stichtingen in ons land. Maar geen van die organisaties is echt een wereldspeler. Soms heeft de sector last van het calimero-complex. De filantropie is een zwembad in de achtertuin, vergeleken met de oceaan van de overheid. Filantropie is als confetti op het verjaardagsfeestje, waar de zaal, de drank, de catering en de cadeaus al door anderen betaald zijn.

Natuurlijk, de filantropie is een schijntje vergeleken met de overheid. Maar onderschat haar niet. Wie het kleine niet eert, ziet het verkeerd. Een belangrijk advies van de WRR is daarom: respecteer de autonomie van het particulier initiatief. Vrijheid is een belangrijke succesfactor voor de ondernemende filantropie. Sociale innovaties ontstaan wanneer mensen met goede ideeën nieuwe dingen uit proberen om maatschappelijke problemen op te lossen.

Rien van Gendt heeft het eerder gezegd: dat fondsen het vermogen en de vrijheid hebben om risico te nemen voor het algemeen nut betekent niet dat ze het ook doen. Sterker nog, de fondsen mogen wel wat meer risico nemen, is zijn indruk. Mijn moeder zei altijd: “kan ik niet ligt op het kerkhof, en wil ik niet ligt er naast”. Ook als ik naar de fondsenwervende goede doelen organisaties in Nederland kijk dan heb ik niet de indruk dat het een sector is die vooroploopt met nieuwe ontwikkelingen.

Rebellie

Nummer 3. Tenslotte nog iets over de tegenstem. We hebben allemaal de neiging om contact te zoeken met gelijkgestemden. Dat levert niet altijd de beste resultaten op. Al te gezellige eensgezindheid is dodelijk voor de creativiteit. Zonder wrijving geen glans. Het vriendelijke filantrokapitalisme van Bill Gates heeft veel bereikt op het terrein van gezondheid en economische ontwikkeling, maar gaat daarmee de wereld niet redden. Hoe mooi is het dat één kind van 16 met Asperger uit Zweden ons wakker schudt. Een paar duizend kinderen op het malieveld kan de Minister-President nog wel weglachen terwijl hij de rekening doorschuift naar dezelfde kinderen die er de komende 31 jaar voor mogen betalen. Maar stel je voor dat Urgenda er niet was geweest. Dan had het kabinet ook de iure nog steeds vrolijk verder kunnen klimaatmodderen. De overheid heeft een tegenstem nodig en doet er goed aan die niet alleen te respecteren, maar ook indirect te financieren via belastingvrijstellingen voor burgers. Zo kom ik op het laatste thema.

Fiscale stimulering

Kan de fiscaliteit anders? Ja zeker. Kijk maar naar de landen om ons heen, daar kunnen we veel van leren. Moet het anders? Nou, het prototype houten kar uit 1953 waar we nu nog steeds mee werken kan in ieder geval veel efficiënter. Een beter voorbeeld zien we in Denemarken, waar de goededoelenorganisaties hun database aan de overheid geven zodat giften automatisch voor giftenaftrek in aanmerking komen. Zoals onze werkgevers onze salarissen ook aan de belastingdienst doorgeven. Dit kan nog veel efficiënter als de overheid giften aan de voorkant zou verdubbelen in plaats van achteraf een korting te geven. PSD2 maakt het mogelijk - maar ja, u kent de nachtmerrie die “ICT en overheid” heet. Ik zou het pas invoeren als er minimaal twee jaar geen toestanden meer zijn geweest bij de belastingdienst.

Je kunt in theorie een ANBI oprichten om je vermogen in te stallen. De organisatie ontplooit nauwelijks activiteiten maar geniet wel vrijstelling van vermogensbelasting. Zo kunnen vermogensfondsen oneigenlijk als belastingvrije spaarpot gebruikt worden. Het gaat mij niet om de familiefondsen die we intussen allemaal wel kennen. Ik denk niet dat daar zoveel mee mis is. De zorg ligt eerder bij de vermogens die we niet kunnen zien. De lijst van de belastingdienst is erg lang en bevat veel namen van organisaties waar weinig over te vinden is. Wat zit er achter deze fondsen?

Conclusie

Ik sluit af. We hebben een veelzijdig rapport, dat schreeuwt om een reactie, niet alleen van het kabinet, maar ook van politieke partijen. Hoe staan zij tegenover de filantropie? Die discussie moet nodig gevoerd worden. De werkelijkheid is namelijk dat er steeds meer raakvlakken komen op het speelveld. You are entitled to your own opinions, but not to your own facts. Wij bieden vanuit de VU ook de komende jaren in het Geven in Nederland onderzoek dat binnenkort met steun van organisaties uit de sector Filantropie én van het Ministerie van Justitie en Veiligheid weer van start gaat graag de feiten aan waarvan u mag zeggen wat u ervan vindt. U bent ook allen van harte welkom op de komende Dag van de Filantropie op 6 juni 2019, waar we het debat voortzetten over de vraag: wat is de waarde van de filantropie?

Het transparantievoorstel is een dode walvis op het strand. Een draak van een voorstel waar je geen last van hebt zolang hij in de zee blijft, maar als hij aanspoelt heb je er enorm veel werk aan om het op te ruimen. En als je er niet op tijd bij bent gaat het beest enorm stinken.

Gerelateerde berichten