Lid worden van Vf? Meld je nu aan

LID WORDEN

Advertentie

Advertentie

Advertentie

Coronacrisis bewijst ongelijk Mona Keijzer

Commentaar

7 april 2020

Hoezeer staatssecretaris Mona Keijzer de plank misslaat met haar strategie om telefonisch contact met donateurs steeds verder te beperken of zelfs te verbieden, wordt bewezen nu we met een serieuze crisis te maken hebben. Haar wetsvoorstel zal – in ieder geval niet voor het zomerreces – worden behandeld in de Tweede Kamer. De vraag is of we het coronavirus op dat moment onder controle zullen hebben waardoor de enorme impact van het wetsvoorstel niet ondergesneeuwd zal raken. Maar dat de situatie voor de goede doelen nijpend is staat buiten kijf.

Den Haag, 3 april 2018. Mona Keijzer, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat.
Den Haag, 3 april 2018. Mona Keijzer, staatssecretaris van Economische Zaken en Klimaat. © © Rijksoverheid/Martijn Beekman

door Jeroen Hogenhout

Van alle kanten nemen goede doelen initiatieven om donateurs en andere betrokkenen een hart onder de riem te steken, hulp aan te bieden, en te informeren over hoe hard ze zich ondanks de crisis blijven inzetten. Een groot deel van die initiatieven gebeurt telefonisch, want dat is een benaderingswijze waarmee je mensen individueel kunt spreken zonder dat het tot gezondheidsrisico’s leidt. En ja, in die gesprekken wordt mensen ook de kans geboden om te het goede doel te helpen met (extra) steun, waar door veel mensen met liefde gebruik van wordt gemaakt. En willen ze dat niet, door persoonlijke onzekere omstandigheden of om wat voor reden ook, dan hoeven ze zich niet te verantwoorden en wordt hun Nee zonder problemen geaccepteerd. En ook die gesprekken werken verbindend.

Herontdekking

Gelukkig wordt de telefoon op dit moment – ondanks de vervelende aanleiding – herontdekt als medium van verbinding, waarvoor het natuurlijk ook bedoeld is. Nog meer dan ik vlak na het uitbreken van de coronacrisis al zag, blijkt hoezeer persoonlijke gesprekken van fonds tot donateur voorzien in een behoefte. Mona Keijzer beschouwt het echter als een ongewenste wervingsmethode. Ze weigert zich erin te verdiepen en schermt met gebrekkig en daarmee misleidend onderzoek waaruit haar gelijk zou blijken. Intussen is haar wetsvoorstel ingrijpend, zelfs ernstig beschadigend voor de goededoelensector. De sector die juist in deze tijd van crisis, opnieuw aantoont hoe belangrijk zijn rol is in het leven van de mensen.

Het gaat in de wereld, en in Nederland, nu even niet om persoonlijk gewin of om een dure vakantie. Het gaat om gezondheid, het gaat om verbinding en om hulp aan kwetsbaren in onze samenleving. Goede doelen spelen daarin een onmisbare rol. En de telefoon is dan het medium waarmee je een grote groep mensen kunt bereiken, terwijl toch ieder contact individueel is. Nog los van de financiële schade die de Staatssecretaris zou aanrichten als haar plannen worden doorgevoerd, beschadigt ze er direct onze samenleving mee. Juist nu blijkt dat glashelder.

Wie het argument gebruikt dat het allemaal wel meevalt, na het aannemen van het wetsvoorstel, omdat telefoontjes gewoon mogelijk blijven zolang ze niet fondsenwervend zijn onderschat het denkvermogen van de Nederlanders. Want het enorme deel van de bevolking dat doneert aan goede doelen is niet alleen saamhorig en vrijgevig, maar ook kritisch en intelligent. Als donateurs aan de telefoon hun mening geven gaat het heel vaak over efficiënt en effectief gebruik van de fondsen. Mensen kunnen er niet tegen als geld niet wordt ingezet waarvoor het bedoeld is. Dan gaat het dus ook over fondsenwerving.

Investering of geldverspilling

Telefonische campagnes vergen investeringen. Dat is geen enkel probleem voor de donateurs omdat ze begrijpen dat fondsenwerving nu eenmaal geld kost. De kosten gaan voor de baten uit, dat is een normaal principe. Maar telefoongesprekken die niks opleveren, dat vindt men geldverspilling. Donateurs stellen regelmatig kritische vragen over servicegerichte gesprekken omdat dat budget bijvoorbeeld ook gebruikt zou kunnen worden voor wetenschappelijk onderzoek. Ze vragen zich af of het goede doel zijn prioriteiten wel op orde heeft als het geld wordt gebruikt om donateurs te bellen zonder oogmerk van werving, terwijl er van dat geld ook dieren kunnen worden gered of armoede kan worden bestreden. Natuurlijk hebben ook die telefoontjes hun fondsenwervende functie maar het geeft aan dat de financiële component een belangrijk onderdeel is van de reden waarom mensen telefonische werving accepteren.

Onafhankelijk marktonderzoek wijst uit dat mensen geen probleem hebben met telefonische werving, hoewel Keijzer ons anders wil doen geloven. Juist nu is het belangrijk om dit opnieuw onder de aandacht te brengen, want het wetsvoorstel van Keijzer ligt dus inmiddels bij de Tweede Kamer. Te hopen valt dat er voldoende Kamerleden zijn die in de gaten hebben hoe belangrijk de rol van de goede doelen is en hoe slecht het wetsvoorstel zal uitpakken. Of zal de Kamer het geen probleem vinden als door deze plannen de sector op jaarbasis 50 tot 100 miljoen euro en een groot deel van haar slagkracht verliest? Je kunt het je toch niet voorstellen, nu zowel de goededoelensector als de samenleving heeft laten zien waartoe ze in staat zijn als de nood aan de man komt.

Gooi kind niet met het badwater weg

Corona heeft onze samenleving ontwricht. Maar waar in platgebombardeerde steden tussen al het puin door bloemetjes weer gaan groeien, zo schijnt onze menselijke aard door de huidige ellende heen. Wij komen op voor elkaar, we helpen elkaar en hebben oog voor de noden van de kwetsbaren. Precies wat goede doelen sinds hun oprichting doen. Het aantal telefonische contacten waarvan wij als samenleving beter worden is onnoemelijk veel groter dan de contacten waar Keijzer steeds naar verwijst en waarvan gezegd wordt dat ze irritant worden gevonden. Dat die er zijn ontkent niemand, maar gelukkig hebben we een werkend systeem dat mensen de kans biedt om verschoond te blijven van telefonische benadering. Er is daarom geen enkele reden om goede doelen zo te beperken in hun vrijheid om support te vragen. Wat Keijzer voorstelt heet in goed Nederlands ‘het kind met het badwater weggooien’. Terwijl de oplossing even voor de hand liggend als simpel is. Geef goede doelen een uitzonderingspositie. Het probleem dat mensen echt hebben met telemarketing is daarmee opgelost.

De Tweede Kamerleden hebben als straks de behandeling volgt de kans te laten zien dat hun gezond verstand ze niet in de steek heeft gelaten.

Meer over Telemarketing Jeroen Hogenhout Telefonische fondsenwerving Mona Keijzer Fondsenwerving Coronavirus CoVid-19

Jeroen Hogenhout

Gastauteur

Jeroen Hogenhout is expert op het gebied van duurzame donateurscommunicatie. Vanuit zijn bedrijf Hogenhout Fundraising Support is hij sinds 2010 actief als onafhankelijk adviseur voor wervende non-profits.

Wekelijksenieuwsbrief

Vond je dit een goed verhaal? Wil je meer van dit soort artikelen automatisch in je mailbox? Schrijf je dan in voor onze wekelijkse nieuwsbrief 👇

Close