Ben jij al lid? Van het Filantropisch Vakblad van Nederland?

Word lid!

Stichting GeefGratis wint in hoger beroep van de Belastingdienst

7 november 2014

Na een ruim twee en een halfjaar durende juridische procedure heeft stichting GeefGratis een groot succes geboekt in haar strijd tegen het besluit van de Belastingdienst om de anbi-status van de stichting in te trekken. Het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch maakte in hoger beroep korte metten met de beschikking van de Belastingdienst

door Redactie Vf

Gevolg is dat GeefGratis weer de anbi-status verkrijgt. Lees hier de uitspraak. Daarvoor was echter veel volharding van directeur Jordan van Bergen vereist. Op het intrekken van de status door de Belastingdienst (2012) volgde in eerste aanleg een beroep tegen de uitspraak van de Inspecteur van de Belastingdienst. Nadat dit niet werd gehonoreerd, volgde een gang naar de Rechtbank, maar ook tegen diens uitspraak moest GeefGratis in hoger beroep gaan om de anbi-status terug te krijgen.

Jordan gaf aan bijzonder opgelucht te zijn na de uitspraak van het Gerechtshof. ´Natuurlijk ben ik blij, we zitten hier nu aan de champagne

Stichting GeefGratis heeft als doelstelling om filantropie te stimuleren en geeft goede doelen, particulieren en bedrijven toegang tot gratis te gebruiken internetdiensten waarmee men fondsen kan werven voor non-profits en goede doelen. De Belastingdienst meende echter dat met zowel de doelstelling als de daadwerkelijke werkzaamheden van GeefGratis niet voor 90 procent het algemeen belang wordt gediend.

De Belastingdienst stelde onder andere dat GeefGratis het algemeen belang niet diende, omdat slechts een beperkte groep van haar diensten zou profiteren: goede doelen en dan slechts een fractie daarvan. Maar het verlenen van een dienst aan een beperkte groep kan ook het algemeen belang dienen, overwoog het Hof. Het argument van de Belastingdienst zou alleen zijn opgegaan als er sprake was geweest van een meer beperkte groep dat een gesloten karakter kent. Dan bestaat de doelgroep bijvoorbeeld uit de oprichters of (bestuurs)leden van de anbi.

Dat niet alle goede doelen en anbi´s daadwerkelijk bij GeefGratis staan geregistreerd of van haar diensten gebruik maken, staat niet aan de anbi-status in de weg. Juist kleinere organisaties profiteren van de werkzaamheden van GeefGratis, wat niet betekent dat grotere organisaties geen gebruik zouden kunnen maken van GeefGratis, aldus het Hof.

De Belastingdienst betoogde verder dat GeefGratis als een gewone zakelijke dienstverlener moest worden gezien, omdat voor het gebruik van de donatiemodule door GeefGratis een bedrag in rekening wordt gebracht van ongeveer 10 procent per donatie

Ook door deze argumentatie werd een streep gezet. Het Hof overwoog dat de werkzaamheden van GeefGratis ten eerste niet substantieel veranderd zijn sinds de anbi-status in 2007 werd verleend. Ten tweede meende het Hof dat de kosten die de goede doelen voor de diensten van GeefGratis betalen, ver onder de marktprijs liggen en dus niet tegen commerciële tarieven zijn verricht.

Ook als wel sprake zou zijn geweest van commerciële activiteiten, dan mag dat bovendien – in overeenstemming met eerdere jurisprudentie –  alsnog niet in de weg staan aan de anbi-status: ‘het veronderstelde resultaat uit de donatiemodule [wordt] aangewend om de doelstelling van belanghebbende te realiseren. Immers, door de kosten van de organisatie van belanghebbende te dekken met het middels de donatiemodule gerealiseerde resultaat, is belanghebbende in staat om 1400 van de ruim 3000 aangesloten goede doelen een gratis dienstpakket aan te bieden, uitgezonderd de bijdrage die dient te worden betaald voor gebruikmaking van de donatiemodule'

Ook de door de Belastingdienst ingebrachte stelling dat GeefGratis vooral het belang van Jordan van Bergen zou dienen vond volgens het Hof geen ondersteuning in de feiten. Als directeur van de stichting ontvangt Jordan – na als bestuurslid jarenlang onbezoldigd werkzaamheden te hebben verricht – een salaris. Het Hof: ‘het staat een stichting vrij haar personeel een beloning toe te kennen’. Bovendien, werd er fijntjes en met enig gevoel voor understatement gesteld, was er gezien het geringe salaris van Jordan ‘bepaald’ geen sprake van een bovenmatige beloning.

'Met deze conclusie ben ik natuurlijk persoonlijk heel erg blij. Ze wilde mij toch een beetje als een graaier te  boek stellen, en met dat beeld wordt nu rigoureus afgerekend. Iedereen mag weten hoeveel ik verdien en daar zijn conclusies uit trekken.’ 

Alhoewel de rede voor blijdschap groot is vallen er nog enige reserves bij Jordan te bespeuren: ‘Ik weet natuurlijk niet of de Belastingdienst in cassatie gaat. Wat dat betreft heb ik al zoveel met ze te stellen gehad. Ik zou zeggen: kom nou gewoon eens praten.’

Binnenkort komt het Vakblad met een update over de fiscaal-juridische consequenties van de uitspraak. 

Bron: Vakblad Fondsenwerving