Negen natuurorganisaties uiten hun zorgen over het plan van TenneT en het ministerie van Economische Zaken en Klimaat om stroom van een nieuw windpark op de Noordzee via de Waddenzee en Schiermonnikoog aan land te brengen. De organisaties, waaronder Natuurmonumenten, de Waddenvereniging en het Groninger Landschap, hebben daarom samen een reactie ingediend.
Om het windpark Doordewind aan te sluiten op het vasteland moeten kabels aangesloten worden op de Eemshaven in Groningen. In de huidige plannen lopen die kabels door een kwetsbaar stuk Waddenzee en langs de wilde oostpunt van Schiermonnikoog door. Ook op het land lopen de kabels door zwakkere natuur, richting de Eemshaven.
De negen organisaties zijn nadrukkelijk niet tegen windenergie op zee, stelt Jorien Bakker, waddenambassadeur van Natuurmonumenten. ‘De gevolgen van de energietransitie mogen de robuustheid van het ecosysteem van de Waddenzee, Noordzee, Schiermonnikoog en de kustzones niet telkens opnieuw aantasten. Dan is er geen sprake van een echt groene en natuurinclusieve energietransitie.’
Er zijn ook andere routes mogelijk om de stroom aan land te brengen, die minder schadelijk voor de natuur zouden zijn, waaronder de zogenaamde Tunnelvariant en een tracé door de Oude Westereems, in het grensgebied met Duitsland.
Negen organisaties
De oproep werd ingediend door negen natuurorganisaties: Natuurmonumenten, Waddenvereniging, Vogelbescherming Nederland, Stichting Het Groninger Landschap, It FryskeGea, Friese Milieufederatie, Natuur- en Milieufederatie Groningen, Stichting De Noordzee en Stichting WAD.
Het zou daarnaast goed kunnen dat het niet stopt bij deze ene aansluiting. Er zijn signalen dat er nog een waterstofleiding onder Ameland en een andere aansluiting van een windpark door de Waddenzee zullen worden getrokken. De natuurorganisaties vrezen dat dit steeds zorgt voor nieuwe schade aan de natuur, die al onder druk staat door visserij, gas- en zoutwinning, baggeren, recreatie en klimaatverandering.
Bakker: ‘Wij doen een klemmend beroep op de nieuwe staatssecretaris om alle mogelijke routes eerlijk en zorgvuldig te onderzoeken. Pas daarna kan worden gekozen voor de oplossing die het minste schade aanricht.’