Fotocredit:
katarinag/Shutterstock.com

Kastanjes

Gepubliceerd op: 09 november 2018
 

Stel, je wandelt rustig door het bos als ineens de stilte wordt verstoord. Op een open plek tussen de bomen staan een paar mannen luidkeels te ruziën. Steeds meer mensen bemoeien zich ermee en links en rechts vallen er klappen. Sommige mensen storten bloedend op de grond.

Natuurlijk wil je ingrijpen, maar ertussen springen durf je niet en 112 is onbereikbaar. Wat kun je doen? Samen met andere toeschouwers begin je de gewonden te verzorgen. Wie er begonnen is of wie er gelijk heeft, weet je niet. Interesseert je ook niet. Je helpt gewoon iedereen en je helpt direct!

Zo ongeveer moet Henri Dunant zich in 1859 hebben gevoeld. Hij kwam toevallig langs een slagveld, mobiliseerde de bevolking en deed het enige wat hij kon doen. ‘Tutti fratelli’ was zijn motto – ‘we zijn allemaal broeders’. Niet veel later richtte Dunant het Rode Kruis op en de rest is geschiedenis.

Veel goede doelen zijn op deze manier ontstaan. Moedige mensen die onrecht recht willen zetten. Die de kwetsbaren willen beschermen en de zieken willen genezen. Ze gaan aan de slag, negeren gevaren en tegenslagen en inspireren anderen om hun voorbeeld te volgen.

Dunant is allang dood maar zijn verhaal leeft voort. En dat geldt ook voor de verhalen van andere oprichters. Goede doelen zitten wat dat betreft op goud. Geen enkele non-profit is - open deur - opgericht om winst te maken. In essentie draait het altijd om idealisme en medemenselijkheid. Om iets extra’s geven als noodzakelijk antigif tegen overmatig nemen.

Die heldhaftigheid blijft niet beperkt tot oprichters en pioniers als Dunant. De KNRM heeft zijn redders, Artsen zonder Grenzen zijn medici, Greenpeace zijn actievoerders. De lijst is eindeloos. Allemaal zijn ze
bereid om risico’s te nemen voor het welzijn van anderen. En hun verhalen zijn een tijdloze bron van troost en inspiratie.

Maar het geldt net zo goed voor de onderzoekers die hun leven wijden aan het genezen van andermans ziekte. Voor de patiënten die hun verdriet verbijten omdat opgeven geen optie is. En voor de duizenden vrijwilligers die bejaarden rondrijden, asieldieren troosten of vluchtelingen helpen met de Nederlands taal.

Wat ik wil zeggen: ieder goed doel heeft zijn helden. En elke held heeft inspirerende verhalen. Laten we zorgen dat we daarmee zoveel mogelijk mensen bereiken. Want een verhaal is met afstand het meest onderscheidende, authentieke en hartverwarmende wapen dat je als goed doel bezit!

Om deze column te eindigen op de plek waar hij begon: verhalen zijn als kastanjes in het bos. Je kunt ze op de grond laten liggen. Of je kunt ze oppakken en er iets moois mee doen. Ik zou het wel weten! 

Jeroen Talens is creative director bij WWAV

Geef uw commentaar

Leveranciers